Tijdlijn
Het jeugdstrafproces van A tot Z
Wat gebeurt er als een jongere van 12 tot 18 jaar wordt verdacht van een strafbaar feit? Deze tijdlijn laat stap voor stap zien hoe een jeugdstrafzaak verloopt. Bij elke stap staan de wetsartikelen waar het om gaat. Klik op een artikel om de officiële wettekst te openen.
- 1
Stap 1
Aanhouding en verhoor
De politie houdt de jongere aan en brengt hem naar het politiebureau. Daar kan de jongere maximaal 9 uur worden opgehouden voor onderzoek (art. 56a Sv). Bij feiten waarvoor geen voorlopige hechtenis is toegestaan, maximaal 6 uur.
- Ouders worden ingelicht. De ouders of voogd horen zo snel mogelijk dat hun kind vastzit (art. 488b Sv).
- Altijd een advocaat. Er wordt direct een advocaat geregeld (art. 489 Sv). Een minderjarige kan geen afstand doen van zijn advocaat (art. 489 lid 2 Sv).
- Advocaat bij het verhoor. De advocaat mag bij het verhoor zijn en meepraten (art. 28d Sv).
- Ouder of vertrouwenspersoon. De jongere mag bij het verhoor worden vergezeld door een ouder, voogd of vertrouwenspersoon (art. 488ab Sv).
- 2
Stap 2
Halt of afdoening door het OM
Niet elke zaak komt bij de rechter. Bij lichtere feiten, zoals winkeldiefstal of vernieling, kan de politie de jongere naar Halt sturen (art. 77e Sr). Rondt de jongere Halt goed af, dan gaat de zaak niet naar de officier van justitie.
Het Openbaar Ministerie kan ook besluiten de zaak te seponeren, eventueel met voorwaarden (art. 167 Sv). In andere zaken vraagt de officier van justitie de Raad voor de Kinderbescherming om informatie over de jongere (art. 494 Sv).
- 3
Stap 3
Inverzekeringstelling en voorgeleiding
Bij een ernstige verdenking kan de officier van justitie de jongere in verzekering stellen: maximaal 3 dagen (art. 57 Sv).
- De Raad voor de Kinderbescherming wordt direct ingelicht en brengt zo snel mogelijk een rapport uit (art. 490 Sv).
- Binnen 3 dagen en 18 uur na de aanhouding wordt de jongere naar de rechter-commissaris gebracht (art. 59a Sv).
- 4
Stap 4
Voorlopige hechtenis en schorsing
Wil het OM de jongere langer vasthouden, dan beslist de rechter over voorlopige hechtenis.
- Bewaring: maximaal 14 dagen, bevolen door de rechter-commissaris (art. 63 Sv en art. 64 Sv).
- Gevangenhouding: maximaal 90 dagen, bevolen door de rechtbank (art. 66 Sv). Heeft de rechtbank de jongere niet gehoord, dan maximaal 30 dagen (art. 493 lid 4 Sv).
Bij jongeren geldt: zo kort mogelijk. De rechter moet altijd nagaan of de voorlopige hechtenis kan worden geschorst onder voorwaarden, zoals naar school gaan, een contactverbod of begeleiding door de jeugdreclassering (art. 493 Sv).
- 5
Stap 5
De zitting bij de kinderrechter
De zaak wordt behandeld door de kinderrechter. Zware zaken gaan naar drie rechters, de meervoudige kamer (art. 495 Sv).
- De zitting is achter gesloten deuren: publiek en pers mogen niet zomaar komen (art. 495b Sv). Het slachtoffer krijgt in principe wel toegang.
- De jongere moet zelf verschijnen (art. 495a Sv).
- De ouders of voogd zijn verplicht om bij de zitting te zijn (art. 496 Sv).
- De rechter kan de Raad voor de Kinderbescherming om extra informatie vragen (art. 498 Sv).
- 6
Stap 6
Uitspraak en sanctie
De kinderrechter doet uitspraak. Mogelijke straffen en maatregelen (art. 77h Sr):
- Taakstraf: werkstraf of leerstraf, elk maximaal 200 uur (art. 77m Sr).
- Jeugddetentie: maximaal 12 maanden voor jongeren onder de 16, maximaal 24 maanden voor 16- en 17-jarigen (art. 77i Sr).
- PIJ-maatregel: behandeling in een justitiële jeugdinrichting bij ernstige misdrijven en een stoornis (art. 77s Sr).
- Gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM): een intensief programma buiten de inrichting (art. 77w Sr).
Bij 16- en 17-jarigen kan de rechter soms het volwassenenstrafrecht toepassen (art. 77b Sr). Andersom kan bij jongvolwassenen van 18 tot 23 jaar het jeugdstrafrecht worden toegepast (art. 77c Sr).